Ik denk, dus ik ben veganist

Wat kan, moet en wil ik doen voor de wereld… en doe ik dat ook?

Wat kan, moet en wil ik doen voor de wereld… en doe ik dat ook?
Leestijd: 5 minuten

Ik kan meer goed doen. Ik kan mijn geld gebruiken om een kind van malaria te redden in plaats van een overpriced latte met havermelk en pistache-likeur te kopen. Ik kan verpakkingsvrij eten in plaats van een verwarde vogel te laten stikken in een zee van plastic. Ik kan thuis blijven in plaats van met CO2-uitstotende treinen mee te werken aan natuurrampen die miljoenen levens zullen verslechteren. Ik kan minder energie verbruiken, minder eten en meer geven.

Waarom maak ik wel de keuze om veganist te zijn, om geld te doneren, om te reizen per trein, om fair trade te kopen, maar niet het bovenstaande? Waar ligt de grens?

Mijn psychotherapeut vertelt me dat, om gelukkig te zijn, ik minder moet doen: ik heb te sterke normen en eisen. Dat is niet gezond. Daar word je niet vrolijk van. Daar heeft die wel gelijk in, dat laatste. Zou ik dan toch vrolijker worden als ik meewerk aan de dood en marteling van dieren? Kan ik dat? Gewoon een lekkere pizza eten met gesmolten kaas terwijl ik de slachthuis beelden van koeien uit mijn geheugen probeer te bannen. Vliegen naar prachtige locaties. Meer sparen, meer kopen. Overal mee kunnen eten. Meer aan mijzelf denken. Dat laatste klinkt nog niet zo slecht. Ligt de grens lager?

Mijn filosofie-docent vertelt in rustige afgemeten woorden dat er een heel vakgebied is, de meta-ethiek, die zich dat afvraagt. Jos Phillips is een kale, vrolijke man in een filosofentrui. In zijn proefschrift betoogt hij dat wij in het rijke westen met een klein offer veel goeds kunnen doen in de wereld.[1] Nee, niet alleen kunnen doen, maar moeten doen. Waar ligt dan volgens hem de grens? Wat is een klein offer?

“Something is to be said for drawing it at ten percent, because […] it is more or less the highest percentage that someone can give away while still having substantially the same amount of money left afterwards.“ [2]

Jos stelt dat we een goed leven kunnen hebben zelfs als we 10% van ons geld weggeven én dat die 10% het leven van anderen significant kan verbeteren. Een goed leven is een leven zoals Aristoteles dat stelde: een leven waar een mens zijn capaciteiten naar believen kan ontplooien. Als dat kan met je huidige salaris, dan moet dat ook kunnen met 10% minder, zo stelt Jos. Dat ik soms een latte met havermelk en pistache wil, begrijpt hij heel goed, maar dat net wat minder vaak doen, dat doet niet af aan een goed leven. Hij stelt dat vanuit welke stroming in de ethiek je het ook bekijkt: zolang het weinig slechte gevolgen heeft voor jou, maar veel goede gevolgen voor anderen, moet je het doen.

Wil ik dat wel? Tien procent van mijn geld te doneren? Rationeel heeft Jos gelijk, maar toch voelt het niet altijd goed om het goede te doen. Dat is gek… het voelt niet goed om goed te doen. Vind ik dat dan niet belangrijk: goed doen? De psycholoog Shalom Schwartz vroeg over de hele wereld wat mensen belangrijk vinden in het leven en kwam tot het volgende figuur over menselijke waarden (Figuur 1).[3] Altruïsme – onbaatzuchtig handelen – blijkt één van de aspecten die mensen belangrijk vinden. Echter, wel maar één van de tien. En niet eens iedereen vindt het 10% belangrijk: bij sommigen is de pizzapunt wat groter en bij anderen kleiner. We proberen verschillende belangrijke aspecten van het leven te balanceren. Geven om de wereld is zeker belangrijk, maar plezier, veiligheid of prestatie net zo goed.

Toch zou de altruïsme pizzapunt bij mij erg groot zijn. Nee, ik ben niet aan het opscheppen over de grote van mijn morele penis. Het gaat natuurlijk niet om de grootte, het gaat erom wat je ermee doet. Ik zou, als antwoord op een vragenlijst van Schwartz, zeker zeggen dat ik altruïsme heel belangrijk vind, maar handel ik er ook naar? Ik doneer niet eens 6% van mijn inkomen, laat staan 10%. Hoe kan dat? Ik kan het, moet het, wil het… maar doe het niet.

Metingen over wat mensen waardevol vinden blijken niet erg goed te voorspellen wat mensen uiteindelijk doen. Er is zeker een verband, maar het is niet heel sterk.[4] Dat je zegt dat je iets belangrijk vindt betekent niet dat je het doet. Dat herken ik wel als ik na een reep chocola en twee uur Netflix op de bank een toespraak houd over het belang van sporten en goed eten. Wat bepaalt je handelen dan? Nou, bijvoorbeeld, sociale normen: wat de meeste anderen doen. Doneren je vrienden geld of zijn ze veganist, dan wordt het voor jou ook makkelijker. Zoals veganistische lezers zullen weten: het is niet altijd makkelijk de vreemde (tofu)eend in de bijt te zijn. Andere grote voorspellers van gedrag zijn gewoontes, emoties en een gevoel van controle.[5] Mijn handelen heeft dus weinig te maken met wat ik waardevol vind en veel meer met wat mijn vrienden doen, wat voor mij een gewoonte is en of ik denk dat ik invloed kan uitoefenen.

Waar ligt nu de grens? Mijn psychotherapeut zegt dat ik gelukkig word als ik wat minder van mijzelf eis. Jos zegt dat ik 10% van mijn inkomen moet besteden aan het goede doel. De sociale psychologie leert mij dat altruïsme slechts een van de waarden is die mensen proberen te balanceren. Daarnaast is wat ik belangrijk vind niet eens het belangrijkst! Ik ben er nog niet helemaal over uit, maar hoop er meer over te leren. De aankomende tijd maak ik een podcastserie over dit onderwerp. Ik wil spreken met mensen die de grens wel erg hoog leggen, psychologen die iets kunnen vertellen over waarom we niet doen wat we belangrijk vinden en – in de volgende aflevering – met Jos Philips over waarom bebrilde filosofen überhaupt iets te zeggen hebben over wat ik zou moeten doen. Ben je ook benieuwd naar een antwoord en wil je meediscussiëren? Volg mijn podcast ‘Levenswijzen’ dan hier of vind hem binnenkort in je favoriete podcast app.

RIJK MERCUUR

 

—————————————————————————————————————————–

[1] Affluent in the Face of Poverty: On What Rich Individuals Like Us Should Do, Amsterdam University Press, 2007 (Ph.D. thesis)

[2] Being Rich in a Poor World, Ethics and Politics/Etica e Politica, 10(1), 2008, p. 264-271.

[3] Origineel: Schwartz, Shalom H. “An overview of the Schwartz theory of basic values.” Online readings in Psychology and Culture 2.1 (2012): 11. Nederlandse versie van customertalk.nl.

[4] Miles, A. (2015). The (Re)genesis of Values: Examining the Importance of Values for Action. American Sociological Review, 80(4), 680–704. https://doi.org/10.1177/0003122415591800

[5] Er zijn veel theorieën over wat gedrag voorspelt. Ik baseer deze paragraaf onder anderen op:
Reasoned Action Approach Fishbein, M., & Azjen, I. (2011). Predicting and Changing Behavior: The Reasoned Action Approach. Taylor & Francis.

Danner, U. N., Aarts, H., & de Vries, N. K. (2008). Habit vs. intention in the prediction of future behaviour: the role of frequency, context stability and mental accessibility of past behaviour. The British Journal of Social Psychology / the British Psychological Society, 47(Pt 2), 245–265. https://doi.org/10.1348/014466607X230876

Mercuur, R. (2015). Interventions on Contextualized Decision Making : an Agent-Based Simulation Study. Utrecht University. Retrieved from https://dspace.library.uu.nl/handle/1874/323482

 

Photo by Kat Yukawa on Unsplash

 



Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *