In gesprek met: Suzanne van der Horst

In gesprek met: Suzanne van der Horst
Leestijd: 8 minuten

Tijdens een onderzoek naar dierproeven in Nederland raakte ik in gesprek met Suzanne van der Horst, beter bekend als Suus, van Animal Rights. Animal Rights is op 16 januari 2009 opgericht door Robert Molenaar als Anti-Dierproevencoalitie. De stichting probeert onder andere inzichtelijk te krijgen wat er precies gebeurt in Nederlandse proefdiercentra. In dat kader is de stichting een juridische strijd aangegaan over de openbaring van documenten van het Erasmus Medisch Centrum in Rotterdam, Nederlands grootste uitvoerder van dierproeven. Suus is formeel ‘organisator’, maar doet van alles voor Animal Rights. Ze werkt vijf dagen per week, maar is ook regelmatig ‘s weekends aan de slag voor de stichting. Onze gezamenlijke doelstelling, een samenleving met zo weinig mogelijk leed – en misschien ook wel onze gedeelde liefde voor reggae-muziek -, vormde de aanleiding voor een interview.

Suus, die werd geboren aan het eind van de vorige eeuw, heeft haar dierenliefde meegekregen van haar ouders die altijd wilden bijdragen aan een betere wereld voor niet-menselijke dieren. Thuis werd vlees gegeten, maar “we haalden dat dan altijd bij de natuurslager. We aten nooit vis, omdat mijn vader wist: ‘dat is fout’. Je vangt daarmee immers ook andere dieren en dat is niet goed voor het zeeleven.” Er werd niets gegeten dat uit de zee kwam. Er werd nooit naar het circus gegaan. “Ik ben nog nooit in een dolfinarium geweest. Dus als ik ooit een dolfijn ga zien, dan zie ik hoe die hoort te leven.

Haar vader is hovenier en brengt daardoor veel tijd door in de buitenlucht. Suus wijst erop dat hij alle vogels kent. “Daardoor heb ik ook echt een liefde voor vogeltjes gekregen.” Zieke of verzwakte dieren, zoals een eenzame meerkoet in een ei, werden mee naar huis genomen om ze te laten aansterken. Ook was familie Van der Horst lid van Bont voor Dieren en het Comité Anti-Stierenvechten. “Zo krijg je dan die dierenliefde mee, voor een heel deel. Behalve als het gaat om het eten ervan dan.” Haar ouders vonden het dan ook geen probleem toen ze vegetariër werd. “Ik denk echt dat ik hoe ik nu leef, en in het leven sta, te danken heb aan mijn opvoeding. Ondanks dat we ze [BC: andere dieren] wel opaten. Mijn ouders hebben een zaadje geplant dat ze zelf nog niet eens kenden.

Vegan worden

Na een half jaar besloot Suus in 2011 vegan te worden, in één keer, all the way. Ze verving onmiddellijk al haar dierlijke producten, at niets meer waar dierlijke producten in zat, en lette ook direct op de E-nummers. “Achteraf denk ik van ‘waarom heb ik het niet gewoon volgehouden? Wat een onzin!’ Maar goed, na vier maanden bood iemand me een crackertje met kaas aan en die heb ik genomen. En toen was het verloren eigenlijk. Dan denk je al gauw: ‘ach, vorige keer at ik ook dat crackertje’. En langzaam aan ga je dan toch weer die dierlijke producten eten.

Terugkijkend denkt ze dat ze te snel, te veel, wilde veranderen. “En het was ook een beetje de sociale druk, want dan was je toch wat minder lastig op die verjaardag.Maar ze liep ook tegen een ander praktisch probleem aan. “Ik was geen goede kok en maakte vooral aardappelen, vlees en groente. Vlees verving ik dan voor een vega-burger. Maar zeker toen vond ik die burgers gewoon écht niet lekker.

Met de nodige ervaring in de kinderopvang besloot ze in 2017 vrijwilliger te worden bij Animal Rights, kort nadat ze weer vegan werd. Een jaar later stopte ze als gastouder aan huis, om zich volledig in te kunnen zetten voor dierenrechten. Plantaardig eten ging haar dit maal beter af. “Toen heb ik het heel bewust afgebouwd ook. Eerst lette ik niet op de ingrediënten; ik liet alleen de letterlijke producten weg. Geen kaas, geen eieren. Toen lette ik op de ingrediënten en op het laatst pas op de E-nummers. En dat werkte wel voor mij. Als ik het direct zo had gedaan, dan was ik nu al een jaar of 8 vegan geweest.

Ik merk op dat het misschien ook wel makkelijker werd omdat ze nu, bij Animal Rights, écht met de ellende, de horror, voor niet-menselijke dieren bezig was. “Ja, misschien wel. Ik had inderdaad nog nooit undercoverbeelden gezien. Ik vond het gewoon een zielig idee om diertjes op te eten. Maar ik had geen idee van hoe slecht ze er echt aan toe waren.” Het is een herkenbare gedachte. Hoeveel vleeseters weten écht wat de standaard in de bio-industrie is? Dat die undercoverbeelden geen excessen zijn, maar een weergave van de dagelijkse situatie? Desondanks is Suus positief gestemd voor de toekomst. “Tegenwoordig heb je zoveel activisme. Dan hoop ik dat als iemand ons op tv ziet, en daarna een cube ziet in de stad, dat diegene dan wel eens een artikel over de bio-industrie aanklikt. Kijk, elk mens met empathisch vermogen gaat die stap ooit wel zetten, hoor.

Undercoverbeelden

We spreken over de frequentie waarmee undercoverbeelden over wantoestanden worden gepubliceerd. “Maar nog steeds kijk ik altijd naar onze filmpjes. Kijk, ik beantwoord de telefoon, de e-mail en sta op straat. Dan vind ik dat ik het zelf moet hebben gezien. Omdat ik dat al doe kijk ik niet alle documentaires en zo, maar onze eigen beelden wel. Ooh, het stukje van dat varken dat verdrinkt [in Tielt], oooh, ik zie dat nu nog zo voor me. Verschrikkelijk!” Ze is er even stil van en vult dan aan: “Dat kalfje in jouw tekst is me ook altijd bijgebleven. Want zijn huid werd levend van hem afgetrokken. Echt vreselijk! Hoe kun je zoiets doen? Ik denk dat mensen hun besef dat het voelende wezens zijn onderdrukken, omdat ze dieren willen zien als producten.

‘Geeft dat niet ook een verklaring voor het bestaan van dierproeven?’, zo vraag ik. “Ik denk het wel. Maar het is zo heftig wat je die dieren aandoet. Als je die onderzoeken leest: het is gewoon martelen. Ik probeer me dan altijd te bedenken ‘hoe zou ik dat vinden als je dat bij mij doet?’” Maar ze is ook om praktische redenen kritisch op het uitvoeren van dierproeven. Dierenarts dr. André Menache legde haar uit dat een dierproef een gok is:

Als je naar percentages gaat kijken komt een dierproef neer op een munt opgooien. Naar zijn mening kunnen we beter morgen stoppen met dierproeven, ook al hebben we geen direct alternatief, want het is toch een gok. Dan kun je je beter richten op menselijke modellen.” Daarnaast wijst Suus erop dat veel dierproeven kunnen worden voorkomen als mensen beter worden voorgelicht. Ze legt uit dat allerlei proeven zich richten op de bestrijding van vaatziekten, terwijl het eten van vlees daar een belangrijke oorzaak van is. ‘Dieren worden gebruikt om ziekten te bestrijden die worden veroorzaakt door het misbruiken van dieren’, zo stel ik somber vast. “Juist! Ze sterven een marteldood door onze behoeften.

Jagen op dieren

Suus merkt op dat ze op dezelfde wijze naar de jacht kijkt: “we moeten ganzen doodschieten, omdat ze anders het gras en het voer van de koeien opeten, die voor ons melk moeten maken. Maar als wij geen koemelk zouden drinken…” Ze legt uit dat ganzen niet primair dienen als voedsel, maar dat er sprake is van ‘schadebestrijding’. Gevraagd naar de vossenjacht reageert Suus dat vossen als concurrenten van de jagers worden gezien. Dit omdat de vos jonge hazen, kleine fazanten of ganzeneieren eet, die de jager wil kunnen afschieten.

Op de vraag of er daarom op vossen wordt gejaagd antwoordt ze: “Dat zeggen ze natuurlijk niet. Ze wijzen naar de weidevogels; hun stand gaat zwaar achteruit. Dat is ook echt waar. Maar daar is de vos niet schuldig aan. Het grootste deel – dat zegt de vogelbescherming ook – komt door de intensivering van de landbouw.” Ze legt uit dat er meer gif in de grond komt en dat bij het maaien er ook (nestelende) vogels worden ‘gemaaid’. De concurrerende vos wordt als zondebok aangewezen. “Plus, het is een mooie jachtbuit. Ja, ik vind hem mooier als ‘ie leeft, maar jagers vinden ‘m dood mooier. Ze rijden ermee aan hun trailer door het dorp.

Als ze tijd heeft gaat ze met Animal Rights mee om de jacht te saboteren. Ganzenjagers zetten lokganzen, nepganzen, uit en verstoppen zich daarna in het veld. “En de ganzen die dan overvliegen, rond zonsopgang en zonsondergang is dat, denken dan ‘he, daar zitten nog meer ganzen. Lekker gras. Daar willen we ook bij’.” Wanneer de gans laag genoeg komt schiet de jager. Tijdens hun sabotage gaat Animal Rights op zoek naar de jagers . Wanneer de vrijwilligers ganzen zien aankomen maken ze veel geluid, waardoor de ganzen schrikken en overvliegen.

Meestal is die sabotage succesvol, maar uiteraard niet altijd. “Dat is écht niet leuk om mee te maken, want ze zijn nooit in één keer dood. Het is altijd een onwijze strijd nog voor zo’n diertje. Want het is geraakt en valt in het veld en dan komt er zo’n hond. De hond brengt de gans al spelend naar de jager. En we hebben ook wel vaker gezien dat de jager er dan bij zit, de hond er nog een tijdje mee laat spelen, en dat hij op een gegeven moment denkt ‘nu is het genoeg’ en dan pas breekt hij de nek.” Desondanks is Suus positief over de sabotageacties. Wanneer sommige jagers de vrijwilligers van Animal Rights zien verschijnen stoppen ze de jacht, wetende dat hun kans op een succesvol schot drastisch slinkt.

Toekomst bij Animal Rights?

Ik vraag Suus of ze in de toekomst voor Animal Rights verwacht te blijven werken. “Ik denk het wel, ja. Maar ik hoop dat ik mezelf ooit werkloos kan maken. Dat Animal Rights niet meer nodig is.” Een prachtig idee, maar gaan wij dat nog meemaken? “Ik hoop het natuurlijk wel. Hoe gaaf zou het zijn als Nederland vegan is? Hoe geweldig zou het zijn als we kunnen zeggen dat de campagne tegen dierproeven klaar is? Dat het allemaal gelukt is? Dan zijn we ook een voorbeeld voor andere landen. En dan kan het balletje wereldwijd gaan rollen ook.” Om dat te bereiken is er meer bewustzijn nodig, zo denkt ze.

Undercoverbeelden kunnen daarbij een belangrijke rol spelen. “Daar kun je niet om heen, dat is gewoon de waarheid. Maar ik denk wel dat er gewoon veel verschillende manieren zijn. Je kan ook geprikkeld worden door de positieve kant. Daarom is het mooi dat er veel soorten activisme zijn.” Maar er is nog een lange weg te gaan. Als eerste mijlpaal wil ze Animal Rights flink zien groeien. “We komen nu best wel mensen te kort. Bijvoorbeeld met de jacht: we kunnen wel elke dag de jacht gaan saboteren. Maar dat is nu nog onmogelijk.” Ze roept mensen daarom op om zich aan te melden als vrijwilliger.

Suus heeft veel gemeen met Animal Rights. Ze sluit zich voor 100% aan bij de slogan ‘elk dier is een individu met recht op leven en welzijn’. “Soms zeggen mensen: ‘maar als zo’n dier nou een goed leven heeft gehad?’. Dan zeg ik ‘er bestaat geen goede manier van slachten, want geen enkel dier zal er zelf voor kiezen om zomaar dood gemaakt te worden’. Elk dier wil leven. Soms hoor ik wel eens ‘maar dan zouden onze koeien er niet meer zijn’. Tja, misschien is dat dan maar beter zo. Zou jij op aarde willen zijn om alleen maar gebruikt te worden en om te worden gedood wanneer je niet meer voldoende oplevert? Nou, dan leef ik liever niet hoor.

BART COLLARD

 

Ook werd Suus nog twee stellingen voorgelegd:

  1. Elke veganist moet zich inzetten om veganisme te promoten. Nee, niet perse, want wat is activisme? Kijk, het zou heel goed zijn, maar dat is niet nodig. Je hoeft niet direct een activist te zijn. Natuurlijk raad ik het aan en motiveer ik mensen om het wel te doen, maar ik vind het ook helemaal prima als je dat niet doet. Want je bereikt ook al heel veel door in je eentje veganist te zijn. Ook zonder actief activist te gaan zijn ben je toch al een beetje activist. Als je niet predikt en op een verjaardag zit waar iemand zegt dat je vegan bent – dan wordt gevraagd ‘waarom dan?’. Zonder bewust activist te zijn, vervul je ook een voorbeeldrol. Dan ben je ook al activistisch.
  2. Veganisme moet slechts positief worden gepromoot. Ik kan daar geen ja of nee op zeggen. Ik vind dat beiden belangrijk zijn. Nou ja, veganisme promoten kan misschien wel positief. Want veganisme promoten is eigenlijk iets anders dan dierenleed naar buiten brengen. Veganisme is het gevolg van het naar buiten brengen van dierenleed. Het leed moet je laten zien, maar de levensstijl kun je positief promoten.


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *